Eric Van Rompuy, My last five years

Ik word daar zo moe van!

21Mar10

Just another week. De weken gaan voorbij maar in de politiek lijken ze steeds meer op elkaar: grote plannen, hoogmissen, Staten-Generaals, debatten in de media, parlementaire interpellaties, weekendinterviews van ministers en partijvoorzitters en …op weg naar het volgende “incident”. Om iemand te parafraseren: “ ik word daar zo moe van!”.
Geen enkel probleem wordt fundamenteel aangepakt of opgelost en dit geldt zowel voor de Belgische en Vlaamse Regering. Ook de oppositie bakt er niets van. Deze week ging het weer over pensioenen, wapenbezit, Kongo, bankgeheim, hoofddoeken, schoolgebouwen, de Ring rondom Brussel. Wat voor volgende week? Het is allemaal zo voorspelbaar. De ideeënbus zit vol maar er gebeurt niets. De goedbedoelde samenkomst van 31 ministers in het Egmontpaleis over BE2020 had juist het omgekeerde effect: de beelden van het zgn. samenwerkingsfederalisme straalden enkel machteloosheid uit en de onmogelijkheid om met 6 Regeringen tot reële beslissingen te kunnen komen.
Vedette van de week: Pieter De Crem in de controverse over de aanwezigheid van Congolese militairen op de 21-juli défilé. Wie ligt daar nu buiten de Wetstraat wakker van? Vandaag opent een krant en de radio- en televisiejournaals met het grote debat over de protocollaire functie van de Koning. Alexander De Croo zei dat we ons moesten voorbereiden op de nieuwe Koning want die zal niet lang op zich laten wachten…Alsof dit land geen andere katten te geselen heeft. De echte vraag is: zal België Koning Albert overleven als elke ernstige institutionele en sociaal-economische hervorming onmogelijk blijkt in dit land?
Met ouder te worden word ik misschien soms wat cynischer maar ik denk dat velen in de politiek er ook zo over denken en zeker bij de bevolking waar de apathie voor het politiek gebeuren volgens de jongste enquêtes nog steeds toeneemt. Partijvergaderingen verlopen zonder enthousiasme en de Parlementen draaien op routine. Deze sfeer heb ik in jaren niet meer meegemaakt.
Zelf tracht ik mijn werk te doen in het Vlaams Parlement en ga ik nog regelmatig spreken. Zo was ik deze week samen met Christian Van Eyken (UF) te gast bij Professor Carl Devos aan de RUG over BHV en volgende week is het VRG-kopstukkendebat in Leuven. Ik doe zulke debatten al 32 jaar met steeds nieuwe generaties (ik voerde nog kopstukkendebatten met Van Miert en Willy Declercq) maar zolang ze mij vragen ga ik!
Tijdens het actualiteitsdebat in het VP over de ministeriële beloftes kwam ik in aanvaring met John Crombez (sp.a) over de volkslening. De herhalingsbeelden van Villa Politica zaterdag jl. toonden aan dat de Vlaamse meerderheid nog veel werk heeft om op dezelfde lijn te staan als er budgettaire keuzes moeten gemaakt worden. Het wordt hoogtijd dat de Lange Wapper discussie wordt getrancheerd want tussen de partners groeit het wantrouwen met de dag. Kris Peeters had zich zijn tweede ambtstermijn wellicht anders voorgesteld. En dan wacht nog BHV met “quid NV.A?”
Vrijdag werd ik gebeld door enkele kranten over de besparingsoperatie bij de VRT. Als gewezen minister van media krijg ik nog steeds veel lof (zelfs van Tony Mary) over mijn rol bij de hervorming van de openbare omroep in de jaren negentig. Dat doet plezier maar de huidige besparingsplannen afdoen als “een bloedbad, de ontmanteling van de openbare omroep, een horrorscenario” is puur stemmingmakerij en meer ingegeven door de belangen van enkele productiehuizen dan door het algemeen belang van de omroep. Zelfs na de besparingsoperatie blijft de VRT beschikken over ongeveer 2.500 actieve medewerkers en 430 miljoen aan middelen om radio en televisie te maken. De financiële middelen van de VRT zijn de jongste 10 jaar met bijna de helft gestegen. Zoals elders bij de Vlaamse overheid moet er evenwel bespaard worden en in de beheersovereenkomst 2007-2011 heeft de VRT zichzelf geëngageerd om naar een structureel begrotingsevenwicht te gaan. “ De tering naar de nering zetten” zoals dat in elk bedrijf geregeld moet gebeuren. Dat heeft niets te maken met cijferfetisjisme wel met goed bestuur.
De politiek krijgt het verwijt dat ze niet weet waar ze met de publieke omroep naartoe wil. De missie van de VRT is zeker niet aan herziening toe. Die staat duidelijk omschreven in de decreten en in de beheersovereenkomsten. Er is geen behoefte aan een existentieel debat. Het is echter de taak van de VRT zelf om inhoud aan haar missie te geven of moet het Vlaams Parlement weer gaan tussenkomen over welke programma’s er al dan niet moeten gemaakt worden? Ik lees dat “met de besparingen de VRT enkel nog nieuws kan uitzenden met daartussen hooguit herhalingen van De Kampioenen”? Wat een demagogie! Er zal moeten gesnoeid worden. Dat deed Bert De Graeve ook toen hij het personeelsbestand reduceerde met een veelvoud van wat nu voorligt en bv. bewust niet meedeed aan de aanbesteding voor het binnenhalen van de rechten van het Belgisch voetbalcontract. Er zullen inderdaad wat minder programma’s gemaakt worden door (vaak) peperdure productiehuizen (die een Staat binnen de Staat aan het worden zijn bij de VRT) en wat minder eigen drama en fictie maar met 430 miljoen euro zal men toch niet moeten terugvallen op avonden met enkel goedkope Amerikaanse feuilletons?
In de zomer zal men het wereldkampioenschap voetbal uitzenden in Zuid-Afrika en volgend jaar de Olympische Spelen in London. Kan er dan niet wat bespaard worden op sportrechten zoals F1 en de wekelijkse cyclocrossen? Zijn de managementstructuren niet te log en te duur en kunnen bepaalde budgetten voor sommige ontspanningsprogramma’s niet beter in de hand worden gehouden?
Ik heb ertoe bijgedragen dat de politiek zeer veel onafhankelijkheid heeft gegeven aan de VRT. Dat moet zo blijven maar dat men ermee ophoudt de parlementsleden te verwijten dat ze de VRT aan het ontmantelen zijn. Vorige weken stonden de VRT-vedetten te glunderen op de Nacht van de Vlaamse Televisiesterren. Ze vielen haast overal in de prijzen en roemden hun eigen kwaliteit en prestaties. “Nooit deed de VRT het zo goed als in 2009” wordt er gezegd door de mediajournalisten en op Humo’s Pop Poll. Wie dezer dagen de kranten leest heeft echter de indruk dat er deze week een aanslag is gebeurd op de VRT. “Een plan gemaakt om af te schieten” titelt De Standaard alsof Piet Van Roe een soort Nick Reilly is.
Ingrid Lieten mag zich als mediaminister niet laten provoceren en de fout begaan om het werk van de VRT directie en de Raad van Bestuur te gaan bekritiseren en zelf de VRT te gaan managen. Dat zou pas een terugkeer inluiden naar de BRTN en de politisering van vroeger.
Het plan Van Roe is geen ideeënbus maar vormt een ernstige basis om de VRT opnieuw een gezonde financiële structuur te geven.
Besturen is plannen maken, beslissen en ze nadien ook uitvoeren. Vaak vergeet men het tweede en het derde. Ik word daar zo moe van…

Recente artikels

Links

Categorieën

Maandelijks archief

Syndicatie