Eric Van Rompuy, My last five years

De macht nemen

16Jun13

Vorig weekend verklaarde Bart De Wever : “Ik word hier zo moe van. De appelsien is stilaan uitgeperst.”

Wie dacht dat het deze week wat stiller zou worden rondom BDW komt er (weer) bedrogen uit. Maandag jl. verlengde hij zijn voorzitterschap van N-VA en riep hij zichzelf uit tot boegbeeld van de verkiezingen van 2014. De ganse week lazen we allerhande verklaringen over de toestand van de gemeentefinanciën (in Antwerpen natuurlijk de schuld van 100 jaar socialisme) en woensdag schrapte hij de Syrië-strijders uit de Antwerpse bevolkingsregisters waardoor er (blijkbaar ongewild…) weer commotie ontstond rond zijn persoon.

Dit weekend haalde hij alle media met zijn ambities voor 2014: “We gaan er alles aan doen om in 2014 op alle niveaus de macht te nemen zowel in Vlaanderen en als in België.”
DE MACHT TE NEMEN : daar is bij De Wever om te doen. Niet voor zichzelf natuurlijk (want hij blijft Burgemeester in Antwerpen) maar blijkbaar voor Geert Bourgeois als MP in Vlaanderen of Siegfried Bracke als premier in België.
Wie stemt voor BDW en N-VA krijgt Bourgeois in Vlaanderen en Bracke in België. Een mooi verkiezingsplatform!

BDW wil van de kiezer een mandaat waardoor hij niet langer moet rekening houden noch met de andere Vlaamse partijen noch met de Franstalige partijen die naar de woorden van de nieuwe Vlaamse MP Geert Bourgeois “maar moeten volgen” als N-VA incontournable wordt op beide niveaus.
BDW wil geen 500 dagen gaan onderhandelen over een klassieke staatshervorming - waar hij niet langer in gelooft- maar hij zal met een mandaat van het Vlaams Parlement de “finale slotonderhandelingen over het confederalisme” voeren dat door Bourgeois wordt gedefinieerd als : “alles moet naar Vlaanderen: fiscaliteit, sociale zekerheid, openbare schuld, werkgelegenheid, pensioenen”. Ben Weyts voegt daar dit weekend nog de “confederale” loonvorming en het sociaal overleg aan toe.

BDW wil enkel toetreden tot een federale Regering om er een “lege schelp” van te maken (LLB 6 maart 2013).

Toen ik enkele maanden terug het aandurfde om BDW en N-VA te counteren en pogen te ontmaskeren zei BDW dat ik “Rennies” nodig had tegen maagzuur.

Vandaag stel ik vast dat bij CD&V, Open VLD en SP.a de partijvoorzitters duidelijk gekozen hebben voor een positieve strategie en zich niet neerleggen bij de fataliteit dat N-VA “incontournable” zal worden.
Niemand is bereid om in 2014 van het confederalisme à la Bourgeois en Weyts een voorwaarde te maken van een toetreding tot de Vlaamse en federale Regering. Ook Kris Peeters kiest resoluut voor de uitvoering van de zesde staatshervorming en het samenwerkingsfederalisme. Zijn stelling dat de loonkostenvermindering op federaal vlak mede kan gefinancierd worden met Vlaams geld kadert hierin.

De discussies over de saneringsbijdrage van de deelstaten in het terugdringen van het Belgisch overheidstekort, de nieuwe financieringswet en maatregelen voor het herstel van de concurrentiekracht zullen bepalend zijn voor de werking van ons federaal model. De federale Regering moet nu haar slagkracht bewijzen in overleg met de deelstaten. Alleen met resultaten op het terrein en vooral de werkgelegenheid zal de Regering Di Rupo de Vlamingen kunnen overtuigen van haar bestaansreden.

Kris Peeters is in goede vorm de laatste maanden. Hij overvleugelt duidelijk BDW in de peilingen. Wie denkt dat N-VA gewonnen spel heeft in 2014 en volgend jaar automatisch scores zal halen boven de 30% zou zich kunnen vergissen. Ik verwacht dat Kris Peeters CD&V zal optrekken duidelijk boven de 20%  in Vlaanderen en hij door de bevolking zal worden gepercipieerd als een politicus die op een nuchtere en zakelijke manier oplossingen brengt voor de zware sociaal-economische uitdagingen. De populariteit van Kris Peeters wordt samen met deze van Vincent Kompany en de Rode Duivels de nachtmerrie van BDW in de lente van 2014.

In het Vlaams Parlement is er inmiddels een echte afschuw ontstaan voor BDW na diens (niet)optreden in onze instelling die nochtans de bakermat is van de Vlaamse democratie. Verklaringen op ATV en Villa Politica zijn in zijn ogen belangrijker dan debatten te voeren met zijn collega’s in het halfrond waarvoor hij ook is verkozen en waarin hij in 2014 de “macht wil grijpen”. Wat wij daar vandaag vertellen is voor hem blijkbaar “quantité négligable” en een intermezzo voor de Grote Dag als BDW en N-VA het alleen voor het zeggen hebben.
Vlaamse Parlementsleden vragen zich af hoe N-VA zich in de toekomst zal gedragen eens ze “de macht hebben genomen”. Mogen wij daar dan nog zitten voor “Piet snot”? Alleen daarom zou ik er in 2014 in het Vlaams Parlement nog graag bij zijn!

Na het onderwijsdebat en het optreden van BDW hierin is het vertrouwen tussen de Vlaamse Regeringspartijen zwaar ondermijnd en en doet men verder omdat in deze moeilijke tijden Vlaanderen moet bestuurd worden en oplossingen moeten worden gegeven aan de groeiende werkloosheid en de zware economische uitdagingen. Elke hartelijkheid tussen de partners is totaal verdwenen. Dit heb ik in die 30 jaar Vlaams Parlement nooit meegemaakt en het ligt duidelijk niet aan Kris Peeters.

Nooit was er zoveel partijpolitieke profilering in Vlaanderen. N-VA zoekt op elk thema naar het maatschappelijk conflict en ze wakkeren de tegenstellingen tussen de bevolking aan: is dat het nieuwe Vlaanderen van morgen? Een Vlaanderen van onverdraagzamen?

BDW is groot geworden door de conflicten binnen België, nu zoekt hij systematisch naar polarisatie binnen Vlaanderen. Elk probleem is in zijn ogen een politieke tegenstelling.

CD&V heeft hierbij een uitgelezen kans om te bewijzen dat ze de partij is van “het moedige midden”. Beke citeert in zijn nieuw boek Guillaume Vanderstichelen : “wie vandaag in de politiek een compromis durft te maken, wordt aan de toog beschreven als iemand die zijn broek doet zakken. Nochtans wat is er mooier dan elkaar iets te gunnen omdat je er samen beter van wordt. Hoe verschillend je ook bent.”

Ik blijf geloven dat dit onze Vlaamse volksaard is en CD&V die het meest belichaamt en kan waarmaken.
Wij zijn geen partij die “de macht wil nemen” om haar eigen gelijk eenzijdig op te dringen. Dat wordt de inzet van 2014.

VRT-radio over 30 jaar

06Jun13

Een mooie montage (3 min) van Wetstraatreporter Marc Vandelooverbosch over de huldiging van 30 jaar Parlement op de VRT-radio VANDAAG

Druk hierop om het te beluisteren :

http://outpost.vrt.be/privemp3/Huldiging.mp3

Dank u voor 30 jaar!

26May13

Hierbij dank ik allen die mij hebben gelukgewenst voor 30 jaar Parlement. Het deed mij enorm veel plezier!

VILLA POLITICA besteedde veel aandacht aan de viering.

Herbekijk de samenvatting van de huldiging in het weekoverzicht van Villa Politica (laatste deel van de uitzending op video)

http://www.deredactie.be/cm/vrtnieuws/videozone/programmas/villapolitica/EP_130525_VillaSamenvatting

Ook het interview van Viviane en Heidi kunt u herbekijken:

http://www.deredactie.be/permalink/2.28240?video=1.1636513


Beelden van de huldiging kunt u ook bekijken op RINGTV:

http://www.ringtv.be/videos/anciens-in-de-bloemetjes-gezet-in-vlaams-parlement


Tevens dank aan Vlaams Parlementsvoorzitter JAN PEUMANS voor de mooie lofrede.

 

 

LOFREDE door Parlementsvoorzitter Jan Peumans aan de heer ERIC VAN ROPMUY voor zijn 30 jaar parlementair mandaat


Collega Van Rompuy, beste Eric,

u zei onlangs in een radioprogramma, bij Ruth Joos, dat een politicus herkenbaar moet zijn. Ik citeer u: “Sommige politici zitten 30 jaar in het parlement en niemand weet wie ze zijn.” Wel, beste Eric, dat zal men over u niet gauw zeggen! De jonge rebel die u 35 jaar geleden al in de CVP was, bent u altijd een beetje gebleven.

U begon uw parlementaire loopbaan in augustus 1981, toen u als eerste opvolger van de EVP-CVP-lijst voor het Europees Parlement in Straatsburg de eed aflegde. U ging daar met een flinke portie tegenzin naartoe, want u maakte vanaf 1977 furore als nationaal voorzitter van de CVP-jongeren. Maar Straatsburg moet toch wel een speciale ervaring zijn geweest: u behoorde tot de eerste generatie Vlaamse Europese Parlementsleden, samen met Leo Tindemans, Karel Van Miert en Willy Declercq. Bij de volgende Europese verkiezingen in 1984 stond u op de 5e plaats: niet hoog genoeg om verkozen te worden. U werd toen kabinetsmedewerker bij minister van Buitenlandse Betrekkingen Tindemans.

In 1985 stond u wel op een verkiesbare plaats, ditmaal op de Kamerlijst. Zo kwam u in de Kamer en vanwege het dubbelmandaat natuurlijk ook in de Vlaamse Raad. Het waren de jaren van het budgettaire Sint-Annaplan van Martens-Verhofstadt, de crisis bij het Waalse staal en de sluiting van de Limburgse mijnen, de benoeming van José Happart, Flanders Technology, de grote staatshervorming van 1988, de abortuskwestie. Kortom, veelbewogen tijden.

Uw eerste toespraak in de Vlaamse Raad hield u tijdens het Vlaamse begrotingsdebat in december 1985. Toen bedroeg de Vlaamse begroting nauwelijks 100 miljard Belgische frank, of 2,5 miljard euro. Ik zie u al knikken. Vandaag is dat budget ongeveer 28 miljard euro, en na de 6e staatshervorming zal het stijgen naar 40 miljard euro. Het zijn cijfers waarmee u – tegenwoordig als voorzitter van de commissie Financiën – graag aantoont dat het Vlaams Parlement sinds de rechtstreekse verkiezing in 1995 echt wel een volwaardige parlementaire assemblee is geworden, en waarmee u ook aantoont dat onze deelstaten geen machteloze instellingen met beperkte bevoegdheden en middelen zijn. We moeten in dit verband wijzen op het enorme werk voor meer Vlaamse autonomie dat de jongste 30 jaar door de opeenvolgende Vlaamse generaties politici is verricht. U, Eric Van Rompuy, maakt daar deel van uit!

In de periode 1985-1995 was u zeer actief als parlementslid. U zat in diverse commissies van de Vlaamse Raad. Ik vernoemde al de commissie Financiën, maar u zat ook bijvoorbeeld in de commissie Mediabeleid. U voerde het hoogste woord tijdens de debatten over het Mestactieplan van Norbert De Batselier, waarop uw partij een aantal kritieken formuleerde. U hield én houdt van het parlementaire debat. U zoekt dat debat op en u durft stellingen te verkondigen. Debatteren is voor u iets anders dan een tekst voorlezen! Ik heb u trouwens nooit met een tekst gezien. Af en toe neemt u wel eens De Tijd mee, heb ik gezien. Scherp debatteren en u boos maken op politieke tegenstanders: het leverde u de nodige bijnamen op. Voor de Franstalige media was u “le méchant Van Rompuy”. Vorig jaar zei ik bij het afscheid van Carl Decaluwe dat hij en u samen me wel eens deden denken aan Statler en Waldorf uit The Muppet Show. Sommige bijnamen, bijvoorbeeld ‘het Kampfschwein van CD&V’, gebruikt u zelf als een soort geuzennaam, maar dat terzijde.

In 1995 werd u Vlaams minister van Economie, KMO, Landbouw en Media. Als nieuwe minister van Media kwam u al na vier maanden met een ingrijpend hervormingsplan voor de openbare omroep. U was dat wel een beetje aan uzelf verplicht, want als mediadeskundige van de CVP-fractie in de Vlaamse Raad was u niet mals geweest met uw kritiek op het Huis van Vertrouwen. Des te opmerkelijker waren de positieve reacties vanuit de Reyerslaan op uw voorstellen. Een paar maanden later kwam u met het Minidecreet, dat de BRTN een nieuwe organisatiestructuur zou geven, was u op zoek naar een nieuwe topman die de zender weer op het goede spoor zou brengen en bereidde u een Maxidecreet voor, waarin de wijziging van het statuut van de omroep en zijn personeel werd vastgelegd. U schroefde de politisering bij de publieke omroep terug. Met nog een nieuw mediadecreet, doorgaans het Reclamedecreet genoemd, maakte u niet alleen het vtm-monopolie op reclame ongedaan, maar zorgde u er ook voor dat regionale zenders zich niet meer hoefden te beperken tot streekgebonden reclame en dat buitenlandse omroepen en lokale radio’s op de kabel mochten. Bovendien kregen kinderprogramma’s een precieze definitie, en, tussen haakjes, het verbod op reclame voor en na kinderprogramma’s bleef behouden.

Als minister van Economie en KMO wilde u dat de overheid een gunstig ondernemings- en vestigingsklimaat zou scheppen. Dat betekende onderzoek en ontwikkeling stimuleren, de infrastructuur verbeteren en risicokapitaal aanmoedigen. ‘Vlaanderen, ondernemend land’ was voor u de slogan, en u dacht daarbij ook aan startende ondernemers. U wilde dat de overheid alle bedrijven zou steunen: kleine en grote, binnenlandse en buitenlandse. Het was echter niet de gemakkelijkste tijd om minister te zijn. U moest bijvoorbeeld met lede ogen aanzien hoe de directie van de Franse autofabrikant Renault in februari 1997 op een persconferentie in Brussel de sluiting van de vestiging in Vilvoorde aankondigde.

Bij de verkiezingen van 1999, na de dioxinecrisis, kreeg uw partij klappen en verdween ze naar de oppositie. U werd op dat moment opnieuw voorzitter van de CVP-fractie die kort nadien, na de naamsverandering, de CD& V-fractie werd. Vanaf 2004 bent u ‘gewoon’ – wat heet gewoon? – Vlaams volksvertegenwoordiger. U nam in dat verband zelf meermaals het woord backbencher in de mond. Het betekende overigens niet dat u zich koest hield. Er was genoeg om u over op te winden zoals het dossier van de splitsing van BHV of de nachtvluchten boven Zaventem. 2004 was voor u het moment om met uw dagboek ‘Be Free’ te beginnen, een beetje op aanraden van uw al even illustere broer. Nu u geen minister of fractieleider meer was, kon u immers volop gebruikmaken van uw freedom of speech. U hebt dat ook naar hartenlust gedaan en u hebt daarbij, buiten maar ook binnen uw partij, niet altijd vrienden gemaakt. In 2009 stopte u met die politieke weblog die trouwens ongelofelijke aantallen bezoekers had en begon u met een nieuw internetdagboek ‘My last Five Years’. Daarmee gaf u aan te willen stoppen in 2014. Een blogtitel als ‘I did it my way’ wijst trouwens in die richting. Maar op de radio bij Joos hoorde ik u dan weer wat ruimte laten naar aanleiding van een ander liedje van Frank Sinatra, ‘Let me try again’…

U houdt er blijkbaar van om titels van liedjes te citeren. ‘ When I’m Sixty-Four’ is er ook zo eentje en zeer toepasselijk bovendien. Wie weet vindt u bij nader inzien toch dat 64 nog veel te jong is om te stoppen. Is de pensioenhervorming niet bedoeld om ons allen langer te laten werken? U wilde bij de 20e verjaardag van uw parlementair mandaat geen huldemoment, onder andere omdat het zou kunnen overkomen als het einde van uw carrière. Ik zeg u dit: een huldeviering hoeft niet het einde van een politieke carrière te betekenen, niet bij een twintigste verjaardag en evenmin bij een dertigste verjaardag. Beste Eric, misschien kunnen we mensen als u eigenlijk nog helemaal niet missen. ‘We will still need you’, om het met de Beatles te zeggen. Maar vandaag gaan we geen druk op u uitoefenen in verband met uw beslissingen voor de toekomst.

Ik heb een aantal jaren geleden in De Standaard over u gezegd: “Eric Van Rompuy is een parlementair naar mijn hart. Een ouderwets type politicus, die met schwung de juiste vragen blijft stellen.” Ik blijf bij dat compliment. U bent een voorbeeld voor uw collega’s in dit parlement. Met veel plezier overhandig ik u zo dadelijk het ereteken uit dankbaarheid voor wat u de afgelopen 30 jaar voor de politiek in dit land betekend hebt. (Applaus)

– De voorzitter overhandigt de medaille aan de heer Eric Van Rompuy.

De heer Eric Van Rompuy:

Voorzitter, geachte leden van de Vlaamse Regering, beste collega’s en geacht publiek. Voorzitter, ik dank u voor uw heel vriendelijke woorden. Ik vind ze prachtig en ik denk dat ze uit uw hart komen. Wij zijn wel van een andere partij, maar we begrijpen elkaar zeer goed. Ik denk dat dit tot uiting kan komen in zo’n huldiging.

Ik beschouw dit jubileumfeest niet enkel als een persoonlijke huldiging, maar ook als een hulde van 30 jaar Vlaams Parlement. Toen ik in 1985 mijn mandaat opnam, waren wij nog de Vlaamse Raad, niet rechtstreeks verkozen. Wij vergaderden in de gebouwen van de federale Kamer. Gaston Geens was de minister-president en Frans Grootjans was de voorzitter van de Vlaamse Raad. Het waren de pioniersjaren.

De Vlaamse begroting bedroeg op dat ogenblik 2 miljard euro. Vandaag is die gestegen tot 27 miljard euro. Na de zesde staatshervorming zullen we beschikken over een Vlaams budget van bijna 40 miljard euro. Dat is een vertwintigvoudiging op 30 jaar tijd.


Inzake bevoegdheden en middelen zijn we een van de meest uitgebouwde federale staten in Europa, met verregaande autonomie voor de deelstaten en deelparlementen. Die Vlaamse zelfstandigheid hebben we verworven door moeizame onderhandelingen, met democratische meerderheden in de diverse parlementen. Ik was erbij in de Kamer bij de staatshervormingen van 1988 en 1993, toen het rechtstreeks verkozen parlement werd gestemd: een unieke ervaring.

Het Vlaams Parlement heeft met zijn 10 puntenprogramma van 1992 – toen Louis Vanvelthoven voorzitter was – en de resoluties van 1999 een belangrijke positieve rol gespeeld in de uitbouw van onze Vlaamse autonomie. Dat pad moeten we blijven bewandelen. Sommigen geloven niet langer in staatshervormingen gebaseerd op onderling overleg en willen desnoods vanop deze tribune eenzijdig de totale Vlaamse autonomie decreteren. Daarmee doen ze echter afbreuk aan de grondwettelijke rol van dit parlement, dat het product is van onderling overleg en dialoog tussen de politieke partijen en de gemeenschappen in dit land.

De opeenvolgende staatshervormingen – en deze zijn nooit definitief – waren altijd gebaseerd op communautaire akkoorden. Ze gaven Vlaanderen enorme kansen tot zelfontplooiing. Onze autonomie heeft ons toegelaten nieuwe breuklijnen vast te leggen: Vlaamse begrotingen in surplus en in evenwicht, die de jonge generaties niet langer belasten met een welvaartsvernietigende schuld. Mijnheer Van Mechelen, ik herinner mij nog dat u, toen wij overstapten naar het Vlaams Parlement, zei: “We gaan nooit meer die Belgische schulden opbouwen. Wij gaan maken dat we de jonge generaties in Vlaanderen voor die welvaartvernietigende schuld kunnen behoeden.”

We hebben ook geen steun meer gegeven aan verlieslatende ondernemingen, maar resoluut gekozen voor innovatie en vernieuwing van ons bedrijfsleven, in het spoor van Gaston Geens met Flanders Technology.

Als voorzitter van de commissies Financiën en Economie en als minister, ben ik fier aan deze realisaties te hebben kunnen meewerken. Mijn mooiste moment: de mediadecreten en meer specifiek de hervorming van de VRT, die door dit Vlaams Parlement kamerbreed werd goedgekeurd. Mijn moeilijkste moment: het kelderen bij de Septemberverklaring van 1994 van het Mestdecreet dat de werkgelegenheid van duizenden landbouwers bedreigde.

President Kennedy zei ooit: “Public life is regarded as the crown of a career and to young men the worthiest ambition. Politics is still the greatest and most honourable adventure.” Dit politieke avontuur en politieke leven is een harde stiel met vele pieken en dalen. Hierbij heb ik steeds op de warme steun kunnen rekenen van mijn echtgenote Viviane en dochter Heidi, mijn broer Herman en zusters Tine en Anita, mijn familie, medewerkers en collega’s van mijn fractie over de generaties heen. Bedankt hiervoor!

Ook ben ik al mijn collega’s in dit halfrond dankbaar voor het aanhoren van mijn vaak scherpe tussenkomsten. Het woordgebruik was soms hard maar ik heb dit halfrond – en daarom zitten we ook in een halfrond – steeds beschouwd als de arena van de democratie, waar tegengestelde meningen mogen botsen. Dat is de essentie van het democratisch debat.

Er bestaat geen model van een goed parlementslid, maar parlementsleden moeten de tijd en de kansen krijgen om hun mandaat waar te maken. De gemiddelde levensduur van een parlementair mandaat is inderdaad teruggevallen tot 8 jaar. Wij bewijzen met de viering van vandaag, met onze zes jubilarissen, dat het Vlaams Parlement een ‘lifetime achievement’ kan zijn.

Of we in ons mandaat geslaagd zijn, daar moeten anderen over oordelen, maar ik deed het graag en met overtuiging, 30 jaar lang.

Niet de tekst op mijn Gordeltruitje ‘Splitsen nu’, was daarbij mijn motto, maar wel ‘Nooit versagen’.

Ik besluit niet met een musicalsong, maar met de song van Frank Sinatra: “Regrets, I’ve had a few, but I did what I had to do. And more, much more than this, I did it my way.” (Applaus)

 

Viviane en Heidi in Villa Politica

22May13

Dochter Van Rompuy solliciteert naar job Linda De Win

Eric Van Rompuy werd vandaag gevierd voor zijn dertigjarige carrière in het Vlaams Parlement. Ook zijn dochter Heidi kwam naar het parlement en stond Eén-programma Villa Politica te woord. Daarbij had ze het ook over haar eigen ambities.
Heidi Van Rompuy sprak eerst en vooral haar bewondering uit voor haar vader: ‘Eigenlijk is de politiek een verschrikkelijk harde wereld, met mensen die messen in de rug steken en postjes willen pakken. Dan vind ik het chapeau van papa dat hij zo hard blijft werken en bekwaam is in wat hij doet. Hij is het beste bewijs dat als je blijft knokken, je toch op je pootjes terechtkomt.’
Ook ten huize Van Rompuy wordt vaak over politiek gepraat, bevestigde dochter Van Rompuy: ‘Mijn mama werkt in de Kamer, dus het is tafelgesprekken alom. Ik vind dat ook helemaal niet erg, het is voor allebei hun passie en hun leven.’
‘Er zijn al genoeg Van Rompuys in de politiek’, maakte Heidi duidelijk dat ze niet in de voetsporen van haar vader wil treden. ‘Ik denk dat ik voor een andere stiel ga. Misschien kom ik ooit wel eens op uw plaats (die van wetstraatreporter Linda De Win) staan, de journalistiek spreekt me wel aan. Maar alles staat nog open.’


http://www.standaard.be/cnt/DMF20130522_00592476

Om de beelden te bekijken van VILLA POLTICA met het interview VIviane en Heidi met Linda Dewin druk op onderstaande balk:

http://www.deredactie.be/permalink/2.28240?video=1.1636513

Toespraak 30 jaar parlement

22May13

TOESPRAAK ERIC VAN ROMPUY OP HULDIGING 30 JAAR PARLEMENT


Geachte Voorzitter, geachte leden van de regering, beste collega’s, geacht publiek,

Mijnheer de Voorzitter, ik dank u voor uw vriendelijke woorden.

Ik beschouw dit Jubileumfeest niet enkel als een persoonlijke huldiging maar ook als een hulde aan 30 jaar Vlaams Parlement.
Toen ik in 1985 mijn mandaat opnam, waren we nog de Vlaamse Raad, niet rechtstreeks verkozen. Wij vergaderden in de gebouwen van de federale Kamer, Gaston Geens was de minister-president en Frans Grootjans, de voorzitter van de Vlaamse Raad. Het waren pioniersjaren. De Vlaamse begroting bedroeg toen 2 miljard euro, vandaag is deze gestegen tot 27 miljard euro en na de zesde staatshervorming zullen we beschikken over een Vlaams budget van haast 40 miljard euro : een vertwintigvoudiging op 30 jaar tijd.

Inzake bevoegdheden en middelen zijn we één van de meest uitgebouwde federale staten in Europa met verregaande autonomie voor de deelstaten en -parlementen. Die Vlaamse zelfstandigheid hebben we verworven door moeizame onderhandelingen met democratische meerderheden in de diverse parlementen. Ik was erbij in de Kamer bij de staatshervormingen in 1988 en in 1993 toen het rechtstreeks verkozen Vlaams parlement werd gestemd: een unieke ervaring. Het Vlaams Parlement heeft met haar 10 puntenprogramma van 1992 en de resoluties van 1999 een belangrijke positieve rol gespeeld in de uitbouw van onze Vlaamse autonomie.

Dat pad moeten we blijven bewandelen.
Sommigen geloven niet langer in staatshervormingen gebaseerd op onderling overleg en willen desnoods vanop deze tribune eenzijdig de totale Vlaamse autonomie decreteren, maar ze doen hiermee afbreuk aan de grondwettelijke rol van het Vlaams Parlement dat het produkt is van onderling overleg en dialoog tussen de politieke partijen en de gemeenschappen in dit land. De opeenvolgende staatshervormingen - en deze zijn nooit definitief – gebaseerd op communautaire akkoorden gaven Vlaanderen enorme kansen tot zelfontplooïng.

Onze autonomie heeft ons toegelaten nieuwe breuklijnen vast te leggen: Vlaamse begrotingen in surplus en in evenwicht, die de jonge generaties niet langer belasten met een welvaartsvernietigende schuld, geen steun meer aan verlieslatende bedrijven, maar een resolute keuze voor innovatie en vernieuwing.
Als voorzitter van de Commissies Financiën en Economie en als minister ben ik fier hieraan te hebben kunnen meewerken.

Mijn mooiste moment : de mediadecreten en meer specifiek de hervorming van de VRT die door het Vlaams Parlement kamerbreed werd goedgekeurd.
Mijn moeilijkste moment: het kelderen bij de septemberverklaring van 1994 van het mestdecreet dat de werkgelegenheid van duizenden landbouwers bedrei
gde.

President Kennedy zei ooit:
“Public life is regarded as the crown of a carrier and to a young man the worthiest ambition. Politics is still the greatest and most honourable adventure”.

Politiek is een harde stiel met vele pieken en dalen. Hierbij heb ik steeds op de warme steun kunnen rekenen van mijn echtgenote Viviane en dochter Heidi, mijn familie, medewerkers en collega’s van mijn fractie over de generaties heen. Bedankt hiervoor!

Ook ben ik al mijn collega’s in dit halfrond dankbaar voor het aanhoren van mijn vaak scherpe tussenkomsten. Het woordgebruik was soms hard maar ik heb dit halfrond steeds beschouwd als de arena van de democratie waar tegengestelde meningen mogen botsen. Dat is de essentie van het democratisch debat.

Er bestaat geen model van een goed parlementslid maar parlementsleden moeten de tijd en de kansen krijgen om hun mandaat waar te maken. De gemiddelde duur van een parlementair mandaat is teruggevallen tot 6 à 7 jaar.
Wij bewijzen met de viering van vandaag dat het Vlaams Parlement een “life time achievement” kan zijn.

Of we hierin geslaagd zijn, daar moeten anderen over oordelen maar ik deed het graag en met overtuiging 30 jaar lang. Niet “Splitsen NU”  maar “Nooit versagen” was hierbij steeds mijn motto.

En ik besluit niet met een musicalsong maar met de song van Frank Sinatra:
“Regrets I have a few, but I did what I had to do
And more, much more than this, I DID IT MY WAY”.

Voor een reportage hierover op RING-TV druk hierop:

http://www.ringtv.be/videos/anciens-in-de-bloemetjes-gezet-in-vlaams-parlement


Voor een reportage hierover op VTM druk hierop:

http://www.hln.be/hln/nl/957/Binnenland/article/detail/1637586/2013/05/22/Vlaams-Parlement-zet-zes-anciens-in-de-bloemetjes.dhtml

Huldiging EVR 30 jaar Parlementslid

21May13

Morgen is er in het Vlaams Parlement de huldiging van 5 leden van het Vlaams Parlement naar aanleiding van hun 20 en 30 jaar parlementair mandaat. Het gaat om Eric Van Rompuy (30 jaar), Dirk Van Mechelen (25 jaar), Mieke Vogels, Jos De Meyer en Jo Vandeurzen (20 jaar).
Eric Van Rompuy behoort voortaan tot de club van de 30’ers samen met Luc Van den Brande, Miet Smet, Wivina Demeester, Jaak Gabriels en Paul Van Grembergen.
De huldiging heeft plaats op een buitengewone plenaire vergadering in het Vlaams Parlement om 10.30 uur.

In memoriam André Denys

16May13

“André Denys was één van de beste parlementsleden die het Vlaams Parlement de afgelopen 25 jaar heeft gekend, een voorbeeld voor velen. André was iemand die het debat opzocht, maar hij was altijd eerlijk in zijn overtuiging”, zo reageert Vlaams parlementslid Eric Van Rompuy (CD&V) op het overlijden van André Denys.
      Van Rompuy en Denys hebben jarenlang samen in de Vlaamse Raad (de voorloper van het Vlaams Parlement) en het Vlaams Parlement gezeten, maar steeds als politieke tegenstrevers. “We hebben 20 jaar samen in het parlement gezeten. Ik eerst in de meerderheid en later in de oppositie. Hij eerst in de oppositie en later in de meerderheid”, aldus Van Rompuy.
    De twee hebben heel wat parlementaire veldslagen uitgevochten. “André was een gedreven oppositieleider, een generalist die naar de essentie van het debat kon gaan. Het was iemand die het debat zocht. We hebben ook veel debatten gevoerd op het scherp van de snee. Na zo’n debat spraken we soms dagen niet tegen mekaar”, legt Van Rompuy uit. Dat er van die harde politieke confrontaties “niks is blijven hangen” heeft volgens de CD&V’er veel te maken met de menselijke kwaliteiten van Denys. “Het was een heel hartelijk iemand, in al zijn gedrevenheid toch altijd ontwapenend eerlijk.”
    Volgens Van Rompuy was Denys een van de beste parlementsleden die het Vlaams Parlement ooit gekend heeft. “De Vlaamse Raad en het Vlaams Parlement hadden het imago van een saai parlement. André heeft er mee voor gezorgd dat er in het parlement een echte debatcultuur kwam. Hij is een voorbeeld voor velen”, klinkt het.
    Dat Denys in 1999 naast een ministerpost greep, heeft hem volgens Van Rompuy “veel pijn gedaan”. “Hij trok zich terug, maar veertien dagen later zat hij terug in het parlement. Typisch André”, aldus Van Rompuy. “Dat hij achteraf toch gouverneur is kunnen worden, beschouwde hij als het mooiste geschenk dat hij kon krijgen”, besluit de CD&V’er.

In VILLA POLITICA gaf Eric Van Rompuy bij Linda Dewin de hiernavolgende kommentaar op het overlijden van André Denys ( druk op onderstaande balk):

http://www.deredactie.be/cm/vrtnieuws/videozone/programmas/villapolitica/EP_130515_VP?video=1.1630194

Eric/Mieke in Joos

29Apr13

Vanmiddag waren Mieke Vogels en ik te gast bij Ruth Joos op Radio 1.

Op 22 mei worden we in het Vlaams Parlement gehuldigd voor 20 jaar (Mieke) en 30 jaar (Eric) parlementslid.

Ik schreef hierover op deze website (zie hieronder) de bijdrage “I did it my way”.“But more, much more than this, I did it may way”.
Als u klikt op   http://www.radio1.be/programmas/joos/vogels-en-van-rompuy  kunt u het interview herbeluisteren.
Op het einde van de uitzending, toen Ruth vroeg of we zouden stoppen in 2014, werd voor mij de plaat gedraaid van Frank Sinatra die hij zong bij zijn comeback in 1973 “Let me try again”

    I know I said that I was leaving
    But I just couldnt say good-bye
    It was only self-deceiving
    To walk away from someone who
    means everything to jou

  Let me try again - let me try again
  Think of all we had before - let me try once more

I did it my way!

21Apr13

Op 22 mei a.s. word ik in het Vlaams Parlement gehuldigd voor een ambtstermijn van 30 jaar.Ook Dirk Van Mechelen (25 jaar) en Mieke Vogels, Jo Vandeurzen en Jos De Meyer (20 jaar) vieren hun ambtsjubileum.
In oktober 2005 liet ik de huldiging van 20 jaar parlementslid aan mij voorbijgaan. Ik vroeg “bloemen noch kransen”. “Een huldebetoon heeft steeds iets van een begrafenis en ik ben nog niet van plan te rusten op het parlementair kerkhof”.

Het was de tijd van het jeunisme en de BV’s.Volgens de toenmalige partijvoorzitters (Stevaert, Leterme en De Gucht) vroegen de kiezers nieuwe gezichten en moest parlementaire ervaring wijken voor vernieuwing. Inmiddels zijn heel wat van die BV’s (de Margriet Hermansen) en jonge goden en godinnen (de Inge Vervottes) verdwenen uit het Vlaamse halfrond. De gemiddelde levensduur van een Vlaams Parlementslid is teruggevallen tot minder dan 8 jaar. In mijn fractie zijn we nog met amper 6 van de 31 die actief waren in de oppositiejaren van CD&V in 1999-2004. Veel know how en talent is in die jaren opgeofferd op het altaar van de politieke vernieuwing. Dat wou ik in 2005 duidelijk maken met mijn weigering om gehuldigd te worden.

Op 22 mei zal ik deze keer wel aan de huldiging deelnemen niet om mijn begrafenis te regisseren maar om te getuigen dat een parlementair mandaat wel een lifetime achievement kan zijn. Parlementslid is geen abonnement dat automatisch om de 5 jaar wordt vernieuwd. Telkens opnieuw moet je bewijzen dat je waard bent “volksvertegenwoordiger” te zijn. Daar bestaat niet iets als een modelparlementair. Ook ik “ I did it my way”. Een parlementslid is niet meetbaar aan de hand van statistieken over het aantal vragen of interpellaties. Wel aan zijn inzet en politieke overtuigingskracht kun je de goede parlementair erkennen maar dit vraagt tijd die aan vele jonge parlementsleden vaak niet wordt gegund door de partijhoofdkwartieren. Hopelijk wordt dit anders in 2014 waar ervaring en vernieuwing hand in hand moeten gaan met respect voor het geleverde werk.

Ik startte mijn parlementaire loopbaan in augustus 1981 toen ik als eerste opvolger van de EVP-CVP lijst van Leo Tindemans (1 miljoen stemmen!) in Straatsburg de eed aflegde in opvolging van de toen overleden Joris Verhaegen. Ik had de eer te behoren tot de eerste generatie (Vlaamse) Europese parlementsleden met Leo Tindemans, Karel Van Miert en Willy Declercq. Een unieke ervaring.

In 1985 werd ik verkozen tot Kamerlid en lid van de Vlaamse Raad. Het was de tijd van Flanders’Technology, het budgettair Sint-Annaplan van Martens-Verhofstadt,  de crisis rondom het Waalse staal en de sluiting van de Limburgse mijnen, de benoeming van José Happart, de grote staatshervorming van 1988, de abortuskwestie. Bewogen jaren en boeiend die te kunnen meemaken als jong parlementslid.

Mijn eerste toespraak in de Vlaamse Raad hield ik tijdens het Vlaams begrotingsdebat in december 1985. Frans Grootjans was toen voorzitter van de Vlaamse Raad en Gaston Geens Minister-President. Ik was toen ook al lid van de commissie Financiën van de Vlaamse Raad waar ik de kans kreeg deel te nemen aan de begrotingsdebatten met o.m. Hugo Schiltz die ik toen leerde kennen als de beste parlementaire redenaar met een uitzonderlijke dossierkennis en visie op het Vlaanderen van morgen. Het is mede door hem dat in 1995 het Vlaams Parlement rechtstreeks is verkozen en we de volwaardige parlementaire assemblee zijn geworden die we vandaag zijn. In december 1985 bedroeg de Vlaamse begroting niet eens 100 miljard BEF (2,5 miljard euro). Vandaag is dit budget opgelopen tot 28 miljard euro en na de zesde staatshervorming zal dit stijgen naar 40 miljard euro. En zeggen dat sommigen dat “peanuts” noemen!

Als voorzitter van de commissie Financiën anno 2013 moet ik jongere collega’s soms herinneren aan het enorme werk dat voor meer Vlaamse autonomie door de opeenvolgende generaties Vlaamse politici in die dertig jaar is afgelegd en dat we daar fier moeten op zijn in plaats van onze federale deelstaten meewarig af te doen als machteloze instellingen met beperkte bevoegdheden en middelen. Daar kan ik mij nog steeds kwaad over maken!

Soms krijg ik het verwijt dat ik te scherp debatteer en mij vaak boos maak op politieke tegenstanders. Sinds Villa Politica komt dit vaak in beeld. Dat parlementair duiveltje blijft evenwel in mij jeuken, ook na 30 jaar. Mijn inspiratie en motivatie blijf ik halen uit het motto van Harold Wilson (oppositieleider en later premier van Groot-Brittannië) : “Never forget in politics to attack, attacking again”.

Een politiek mandaat is een geweldig avontuur en één van de mooiste uitdagingen voor de jonge generaties. Maar “politiek is een ruwe stiel” zei ooit Gaston Eyskens. Het politieke leven kent pieken en dalen, vele mooie momenten maar ook vele ontgoochelingen. En je 20 of 30 jaar als parlementslid electoraal en inhoudelijk handhaven vergt grote inspanningen. Maar het blijft een unieke levenservaring en daarvan wil ik samen met de collega’s getuigen op het jubileumfeest van 22 mei in het Vlaams Parlement.

Interviews Peter en Eric VR

10Apr13

In de paasvakantie verschenen in De Standaard twee interviews van de Van Rompuy’s.

Peter VR over zijn visienota ‘van Confrontatie naar Vertrouwen’ en Eric over de toepassing van de omzendbrief Peeters


PETER VAN ROMPUY: ‘Wij zullen er staan in 2014’    http://www.politico-shock.be/


CD&V zkt. een verhaal, Peter Van Rompuy helpt daar graag aan mee. In zijn visienota ‘Van Confrontatie naar Vertrouwen’ levert hij een paar opmerkelijke voorstellen af voor de ‘christendemocratie 2.0.

(Om de tekst in zijn geheel te lezen en te downloaden ga naar de website van Peter Van Rompuy http://www.politico-shock.be/ of zie op mijn website de link met site van Peter Van Rompuy.)

Het regent beginselverklaringen en ideologische teksten, nu ook van de hand van de jongste telg van het bekende CD&V-geslacht - die recent de Senaat inruilde voor het Vlaams Parlement. Peter Van Rompuy wil zijn partij aan het langetermijndenken zetten met een ‘christendemocratisch manifest’. Voor de gemeenteraadsverkiezingen kondigde partijvoorzitter Wouter Beke (CD&V) aan dat zijn partij een ‘duidelijk verhaal’ mist. De aftrap van de zoektocht naar dat verhaal kwam er midden december met de lancering van ‘Operatie Innesto’: een paar tientallenhigh potentials zouden ‘nieuwe scheuten enten op oude wijnstokken’.

Peter Van Rompuy levert hen graag een paar interessante insteken aan. Zoals zijn pleidooi voor ‘co-creatie’, een vorm van samenwerking waarbij alle deelnemers invloed hebben op het proces. Willen u en ik onze centen duurzaam investeren in een project waarin we geloven, zonder tussenkomst van bank en/of overheid? Boor uw engagement, ondernemerschap en creativiteit aan, zegt Peter Van Rompuy.

Uw pleidooi klinkt eerder liberaal, zeker in vergelijking met de vier v’s van CD&V: verzorgen, vooruitzien, verbinden en versterken.

‘Ik zie daar geen contradictie in, integendeel. Co-creatie gaat over het versterken van banden tussen mensen. In eigen land is de jaarlijkse geldinzamelingsactie Music for Life het beste voorbeeld. Ook in de bedrijfswereld wordt dit model met succes toegepast door bijvoorbeeld Wikipedia, Google of Lego. Als het van mij afhangt, trekken we het door naar de financiële sector. Daar zie ik een grote toekomst voorcrowdfunding , burgers die hun centen investeren in een project waar ze toekomst in zien.’

‘Vandaag kan je tot 100.00 euro zonder veel problemen beleggen, eenmaal boven dat bedrag is de investering aan allerlei regels gebonden. Trek die grens op tot pakweg een miljoen euro, maar stel in ruil daarvoor een wettelijk plafond vast voor het bedrag dat iemand jaarlijks kan investeren. Zo doen de VS en Canada het.’

Alvast dit idee gaat u in een wetsvoorstel gieten, bestaat er een draagvlak voor?

‘Dat denk ik wel. Ook de SP.A en Open VLD hebben al interesse getoond in het fenomeencrowdfunding , ook in de bedrijfswereld is er vraag naar(DS 2 april) . Het bestaat in de muziekwereld, en her en der is er een onlineplatform dat er gebruik van maakt, zoals 2Houses. Ik zie co-creatie vooral als een fantastische kans voor startende ondernemingen, maar het kan ook elders dienst doen. In het algemeen moet de publieke sector zich meer richten op het aanreiken van instrumenten die de burger zelf weerbaar maken.’

Ook in het luik over het pensioenmodel weegt dat door: u spiegelt zich aan het Zweedse systeem?

‘Hun ‘notioneel’ systeem staat eigenlijk voor virtueel. In Zweden heeft men een fictieve pensioenrekening, die aangroeit naarmate men langer werkt en meer bijdraagt. Elke Zweed kan op elk ogenblik op deze rekening aflezen hoeveel pensioenrechten hij al heeft ‘opgespaard’, en de impact berekenen van een eventuele carrièrewending. Ook bij ons moeten we daar naartoe. Dat betekent dat we de focus moeten verleggen van de wettelijke pensioenleeftijd naar een langere maar kwaliteitsvollere loopbaan, wat CD&V al langer zegt. Ik voeg er twee dingen aan toe: koppel het pensioen aan de levensverwachting, én zoek een manier om ook de werkbaarheidsindicatoren(zoals werk-privébalans, stress op het werk, leermogelijkheden, red.) te laten meespelen in de berekening.’

Trek daarmee naar de kiezer. Dat is toch nóg moeilijker dan Beke’s ‘rentmeesterschap’?

‘Met teksten win je geen verkiezingen, dat weet ik ook wel. Dat doe je met beleid. En op dat vlak levert mijn partij geweldig goed werk: dankzij CD&V blijven België en Vlaanderen in de kopgroep van de eurozone.’

‘Iedereen staart zich blind op die 25ste mei 2014, alsof er nooit een 26ste mei zal komen. Ik beloof u: die komt er wel. En dan zullen er vanuit mijn partij teksten klaarliggen.’

Kortom: eat your heart out, Rik Torfs? Hij was de laatste die een ideologisch verhaal op papier zette - het fameuze enerzijds-anderzijdsverhaal - maar is intussen wel weg uit de politiek.

(lacht hartelijk) ‘Ik zie niet goed in wat mijn tekst met het boek van Rik te maken heeft - ik heb dat overigens ook niet gelezen. Onze partij heeft een lange traditie van mensen die teksten aanleveren. Denk aan ‘Het Rijnlandmodel’ van Yves Leterme. Dit is mijn bijdrage aan het congres in het najaar. En wees maar zeker dat we er zullen staan in 2014.’


Marjan Justaert ( DS)

ERIC VAN ROMPUY: “Franstaligen leggen zich neer bij Nederlands”.


Franstalige inwoners in de Vlaamse Rand maken nauwelijks gebruik van de rondzendbrief-Peeters. ‘Ze leggen zich neer bij het Nederlands.’

Vlaams parlementslid Eric Van Rompuy (CD&V) trekt zijn conclusies uit de gegevens over de roerende voorheffing, meegedeeld door bevoegd minister Philippe Muyters (N-VA). Slechts 5,79 procent van de inwoners vroeg om een Franstalig overschrijvingsformulier. Dat lage cijfer bevestigt overigens de dalende tendens van de laatste jaren. Nochtans tellen sommige randgemeenten tot tachtig procent aan Franstaligen.

De rondzendbrief-Peeters bepaalt dat de officiële briefwisseling in de Rand in het Nederlands moet gebeuren. De inwoners kunnen wel telkens om een Franstalige vertaling verzoeken.

Voor Van Rompuy, woonachtig in Zaventem, vormen deze cijfers het bewijs dat de inwoners beseffen dat ze in Vlaanderen wonen. ‘Sommige burgemeesters in de Rand bouwen hun politieke carrière op de niet-naleving van de rondzendbrief-Peeters. Maar de eigen bevolking ligt er niet van wakker. 95% van de inwoners in de facilteitengemeenten heeft er blijkbaar geen probleem mee zijn belastingbrieven in het Nederlands in te vullen.’

Drie aangewezen burgemeesters (Kraainem, Linkebeek en Wezembeek-Oppem) spanden een procedure aan bij de verenigde (tweetalige) kamers van de Raad van State. Minister Bourgeois weigerde hun benoeming omdat ze de oproepingsbrieven in het Frans verstuurden. Hij beoordeelde alvast een mogelijke uitspraak tegen de niet-benoeming als ‘een verstoring van het land’.

Van Rompuy: ‘Straks legt men nog het land plat voor enkele burgemeesters die maatregelen nemen waar de eigen inwoners zich niets van aantrekken.’ (bbr)

 

© 2013 Corelio

- 1 / 28 - volgende pagina

Recente artikels

Links

Categorieën

Maandelijks archief

Syndicatie